dinsdag 28 juni 2011

Weet niet goed

Vandaag weet ik niet zo goed wat ik hier ga schrijven. Mijn hoofd zit eigenlijk vol met dingen die ik vandaag en in de afgelopen weken gehoord en besproken heb. Ik ben nog niet helemaal door het boek van Professor Swaab heen, maar ik ben daar toch al aardig wat in tegengekomen wat me bezighoudt.

Geen luchtige verhaaltjes vandaag, maar ik wil ook niet allerlei zwaarmoedigheid uitstorten, want ik voel me helemaal niet zwaarmoedig. Eigenlijk zit ik vol hoop en optimisme. Ik kreeg net weer een tip voor een woning binnen, eentje met drie slaapkamers aan de rand van Oosterhout.
Wonderlijk, want ik was vandaag nog in Oosterhout en ik bedacht me nog dat ik eigenlijk niet eens zo veel van die plaats afweet. Hoe zou het zijn om daar te wonen? Zou het even goed of zelfs beter kunnen zijn dan Prinsenbeek?

Dat is een praktisch ding. Iets om af te wegen, want het is niet allen een andere plek, maar ook een andere gemeente. Ik had me er al haast op ingesteld, dat dit pas zou komen na andere dingen die me nu veel meer in beslag nemen.

Het idee om heel burgerlijk in een rijtjeshuis met drie slaapkamers te wonen, staat me niet tegen. Een kat, een kind en een piano erbij. Lekker zonnen in de achtertuin. Noem maar op.
Misschien moet ik er nog maar een nachtje over slapen.
Over alles, eigenlijk.

Welterusten !

Lekker voor mezelf!

Ze zeiden dat het weleens goed is om zo nu en dan eens lekker te ontspannen.
En ze hebben gelijk.
Mijn dag begon met een ToDo lijst en nu, aan het eind van de dag is het op één ding na helemaal gedaan. Goeie ik!
Het leek een hele waslijst, maar dat weerhield me er niet van om net na de middag alle dringende bezigheden te laten voor wat het was. Na een ochtend telefoneren en paperassen doorspitten, samenvattingen maken, lijstjes opstellen en af en toe vol schieten, want het is niet niks waar ik nu naartoe leef, moest ik die ene brief persoonlijk af gaan geven in de stad. Misschien moest het niet, maar ik vond het gewoon meer dan belangrijk dat die brief daar echt aan zou komen en met de moderne post lukt dat helaas niet altijd.

Na die brief lokte de zon. Ik kreeg zomaar een beetje heimwee naar de tijd dat alles nog zorgeloos was en vrijblijvend leek. Die lange dagen die zomaar ergens begonnen en eindigden als het mij en mijn vrienden zo uitkwam. Alle paden in het Mastbos kende mijn voetstappen. Daar liet ik mezelf vaak verdwijnen, gewoon omdat het kon.

Ik volgde de hitte van de dag. Via het Van Coothplein richting Ginneken. Niet het hele eind, want de Baronielaan is zo mooi in de zomer en als je die uitrijdt en gewoon rechtdoor blijft fietsen, voorbij de Boswachter en dan nog een beetje verder, kun je schuin rechtsaf het Eeuwig Laantje op.
Vandaag lag het vol modderplassen en herinneringen. Ik heb herdacht dat het deze week precies twee jaar geleden is dat ik dakloos werd. Ik dacht aan hoe dat kon gebeuren en ik durf nu eindelijk die ander zonder boosheid te verwijten dat wat er gebeurd is echt niet alleen maar aan mij ligt. Misschien zelfs meer aan de ander dan aan mij.
Ik dacht ook aan mijn kindertijd. Aan dingen die ik moest leren, maar nooit begreep, maar dat was zo vaak wederzijds. Hoeveel mensen hadden immers in de gaten dat ik een meisje was? Ik probeerde dat op zeker moment zelf ook te vergeten, maar dat hielp niet tegen het wederzijdse onbegrip.

Uiteindelijk heb ik de herinneringen pardoes in een modderplas laten vallen. Dat moest wel, want het Eeuwig Laantje hield op. Dat geeft niks, want aan het eind ervan is Huis den Deyl. Ik had mezelf een cappuccino en een groot glas koel water beloofd, maar dat ging niet. Huis den Deyl is op maandag gesloten. Dat weet ik dan voor de volgende keer. Nu ben ik gewoon zo'n beetje naar huis gefiets, niet langs de kortste, maar langs de beste weg. Effen blijft ook mooi. Ik zou daar best willen wonen. Alsof je in de achtertuin van Breda woont.
Mijn ambitie is dan ook om dat voor elkaar te krijgen. Dat moet lukken; omdat het kan.

Nog even in Princenhage gekeken naar een huis wat te huur komt en me verwonderd dat je net voorbij het heerlijk landelijke De Rith, zomaar in een slonzige achterbuurt terecht kan komen.
Het was fijn om weer thuis te zijn. Heerlijk om vast te stellen dat ik met warm weer lekker naar buiten kan. Vorig jaar werd ik letterlijk ziek van dit soort zomerse temperaturen, nu kan ik weer gewoon van de warmte genieten.
Ik had de rust van buiten bij me en die heb ik gebruikt om hier in huis sfeer te kweken. Ik heb lekker gegeten: Andijvie met kerrie en tomaat. Voor het eerst helemaal gelukt, de truc is dat je de andijvie goed klein moet snijden.

En daarna? Gedaan wat nog moest en mijn boodschappenfiets gemaakt. De rem was stuk en het wiel wiebelde. Morgen heb ik geen tijd en de komende dagen zijn ook redelijk bezet. Nu kan ik 'm gebruiken om vóór donderdagmiddag nog een paar boodschappen te doen. Dat moet, want donderdag komt een heel lief jong mens logeren.

Joepie!

Weer een feestje!

zondag 26 juni 2011

Nix

Vandaag heb ik niks gedaan. Eindelijk. Nou, niet helemaal niks, maar wel zo goed als. Ik heb uitgeslapen alsof het niks was, daarna ontbeten en nog lekker een poosje in mijn stoel zitten niksen. Toen gedoucht en dat stelt eigenlijk ook niks voor. Daarna was het alweer lunchtijd. Lekker drie eitjes met kaas gebakken en dat was niet niks, dat was errrruggg lakkurrrr!!!

En toen? Hm, ja, goss.... Niks eigenlijk. De afwas die er nog stond weggewerkt. Is dat wat?
muziekje erbij. Nog dit en dat opgeruimd en toen was het weer koffietijd, vond ik zelf.
Lekker buitenkijken hoe de kinderen uit de buurt aan het spelen waren. Fijn, hoor: Een dagje niksdoen.
Warm eten, hoefde ik ook bijna niks aan te doen, wat ik had nog wat om op te warmen.
Weer afwassen, maar dat stelde ook niks voor.

Beetje gitaar gepingeld, beetje stemoefeningen en vastgesteld dat ik heel goed als een geboren vrouw kan klinken, al gaat dat nog lang niet vanzelf. Maar de logopedie is dus niet voor niks!

En toen heb ik de computer weer aangezet.

Na mijn blogje mag 'tie weer uit, want verder weet ik niks.......

Help! Mijn dromen komen uit....

Vandaag was er een feestje met de buurtvereniging. Middenop het hofje stond een tent met een barbeque en een koelkast erin en allen die lid zijn van de buurtveriniging en die zich aan hadden gemeld waren zo rond halfzes in die tent aanwezig.
Ik heb eerst hier en daar een kat uit een boom gekeken en na een glas wijn heb ik me onder de menigte gemengd.

Ik heb vooral veel vragen beantwoord, geloof ik. Wat heerlijk als mensen echt en oprecht willen begrijpen hoe het is om geboren te zijn in een verkeerd lichaam en wat de gevolgen daarvan zijn.
Door er op deze manier over te praten, met een wijntje erbij, drong het eigenlijk pas goed tot me door dat dit, deze verandering waar ik al bijna vier jaar mee bezig ben, niets minder is dan mijn diepste wens die uitkomt.
Het is niet zomaar een wens, het is een weten vanuit het diepst van mijn wezen, dat ik nooit een jongetje was en dat mijn innerlijke waarheid alleen maar op kan bloeien als ik niet mannelijk meer ben.

Wat er komt na de aanpassing, laat zich raden, maar ergens voorbij het rationele weten, voel ik allang wat ik worden zal. Ik ben al bijna elke dag aan het oefenen, maar zoals ik nu ben, gaat het nog niet.
Ook wat daar, diep vanbinnen zit te wachten tot de tijd rijp is, ken ik allang. Ook dat is een diepgewortelde wens, een onuitgesproken droom van me en ik voel, ik weet dat ook die uit gaat komen.

Een paar jaar geleden was er een boek wat heette 'the secret'. Daar denk ik weleens aan en toen ik erover hoorde en er stukjes uit las, wist ik dat het klopt, maar eigenlijk niet zoals het boek belooft. Je werkelijke wil, je echte wensen, zitten veel dieper dan je zelf vaak beseft.
Ik wil niet praten als een Guru. Mijn ambitie is helemaal niet om iets te bereiken in de wereld van piskijkers en sterrenwichelaars.
Misschien kan ik anderen inspireren of bemoedigen, maar ik denk niet dat ik een voorbeeld voor zomaar iemand kan zijn. Mijn leven is van mij, mijn leven ben ik. Het leven van de ander is een ander dan mijn. Maak het mijne niet na want je maakt jezelf stuk.

Ik weet niet of het leven wat ik leef moeilijk is of zwaar. Dit is wat ik heb en ik kan het niet vergelijken met wat ik niet heb. Als ik dat zou proberen zou alles juist moeilijk worden, ben ik bang.
Als ik een ander leven had gekregen, zouden mijn diepste wensen daar weer niet in passen en dan zou ik vast eeuwig ongelukkig zijn.

Ik heb geprobeerd een ander leven te leven dan het mijne, dus ik weet waar ik over praat. Nu ik daarmee gestopt ben, valt alles op z'n plaats. Het is zo wonderlijk en sterk, dat ik er haast bang van zou worden.

Maar dat doe ik niet. Ik word er juist heel blij van. En straks jullie ook.

donderdag 23 juni 2011

Nog meer gedachten....

Een paar daagjes geleden heb ik mezelf dat boek van Dick Swaab cadeau gegeven. Wat heerlijk om dat te hebben en ik denk dat ik het best vaak ga lezen. De materie boeit me enorm, niet het hoe en wat van de cellen enzo, maar vooral wat het 'doet'. Je kunt er ook heerlijke discussies over voeren zoals: "God bestaat, maar is in feite niet meer dan een sapje in je hoofd". Dat heeft meteen een politieke lading, want volgens de waandenkers van de SGP is die uitspraak waarschijnlijk strafbaar.

Ik ga dan ook nadenken over ongerijmde dingen die mensen doen. Zo ken ik bijvoorbeeld iemand die ooit man was, maar al jaren en jaren als vrouw leeft. Van iemand als haar zou je niet anders mogen verwachten dat ze genoeg begrip en respect voor transdingessen heeft en ze dus in het 'wensgeslacht' aan zal spreken. Hoe groot was dan ook mijn verbijstering toen zij mij in de mannelijke vorm aan ging spreken zodra ze mijn oude (ongewenste) naam eenmaal kende. Ik heb haar ook nog steeds niet in kunnen laten zien hoe vervelend en zelfs kwetsend dat voor mij is. Ze kent mij nota bene alleen maar als vrouw. Ze heeft bij mijn weten zelfs nog nooit een foto van mijn oude ik gezien.

Een ander wonderlijk voorval maakte ik mee met een vrouw die zich tegenover mij heel open en begripvol opstelde maar op zeker moment, zomaar uit het niets, aan mij vroeg of ik het ook zo raar vond dat een lesbisch koppel zich amuseert met een kunstpenis: "Als je daar behoefte aan hebt, waarom gaan ze dan niet gewoon met een kerel naar bed?"
Ik zat echt met een mond vol tanden. Ik heb totaal geen ervaring met het minnespel van vrouwen onder elkaar. Ik wil en zal daar ook nooit een punt van maken. Bovendien is bij mijn weten de erogene zone bij de meeste mensen ook wel een stukje groter dan die paar vierkante centimeter tussen de benen. En het verschil tussen man en vrouw is ook veel meer dan datgene waarmee je plast.
Maar buiten dat weet ik nog steeds niet wat ik moet met die opmerking. Als de dame kwestie benieuwd is op welke sekse ik val, mag ze me dat gerust rechtstreeks vragen. Als ze worstelt met haar eigen geaardheid, kan ze de discussie beter op een andere manier op gang brengen. en verder... vind ik zo'n opmerking vooral passen bij een minder ontwikkeld persoon voor wie de uitspraak 'Ik zou dat nooit doen' wetenschappelijke bewijskracht lijkt te hebben.

Misschien ben ik te kort door de bocht. Dit soort dingen zorgen er wel voor, dat ik regelmatig denk dat ik toch maar eens moet leren om vaker: "Dat begrijp ik niet. Waarom zeg je dat?" te zeggen.

Aan de andere kant vind ik het ook wel leuk om dingen niet te begrijpen. Ruim een jaar geleden lukte het me een poos om niets als vanzelfsprekend te zien. Bijna elk ogenblik was een openbaring. Heerlijk om gewoon alles om je heen te ervaren als een wonderlijk iets, om er met een soort naïeve nieuwsgierigheid naar te kunnen kijken en in de eerste plaats op te merken dat het gewoon heerlijk is om samen met datgene wat je op dat moment ziet op de wereld te mogen zijn. Professor Swaab zal er vast een verklaring voor op kunnen diepen. Ik zelf vermoed dat het een gevolg was van een radicaal veranderde hormoonhuishouding. Aan de ene kant is die hormoon omkering heel interessant om mee te maken, maar het heeft ook heel erg vervelende kanten. Ik denk niet dat ik daar in het boek van Prof. Swaab een heldere uitleg over ga vinden, hooguit iets wat in de richting wijst.

Het boek is gelukkig niet zo geschreven dat je zelf opeens allerlei dingen waar meent te nemen in en aan je eigen lijf of psyche waardoor je 's nachts wakker zou kunnen liggen. Ik heb dat wel anders meegemaakt. Lees bijvoorbeeld maar eens een redelijk gedetailleerd boek over Psychopathologie. Een gezond mens zal opeens merken dat hij of zij een beetje schizofreen is, soms neigt naar borderline gedrag, weleens behoorlijk autistisch  kan zijn, met name als je heel erg moe bent om maar eens wat te noemen. Allemaal niet erg. Het is vooral vervelend  als je gaat twijfelen of het één of het ander misschien zo sterk in je persoonlijkheid zit dat je er hulp voor zou moeten zoeken.

Eén hoofdstukje uit het boek kan ik in elk geval hartstikke op mezelf betrekken: Transseksualiteit.
Ik wist al langer dat Swaab een aantal dingen ontdekt had in de hersenen die iets zeggen over je geaardheid en over je genderidentiteit. Het was bij mij allemaal weggezakt naar het niveua van 'leuke wetenswaardigheden' tot ik ruim een jaar geleden een televisieprogramma zag, wat ging over de opschudding die Swaab's ontdekkingen destijds  in de Homo wereld teweeg bracht. Toen wist ik het allemaal weer. Vanaf toen kon ik erin berusten dat ik ben hoe ik ben en dat ik daar heel goed mee kan leven, maar daar moet ik wel wat voor doen.

Gek genoeg helpt deze ervaring eigenlijk niet om andere dingen te begrijpen die ongeveer vergelijkbaar zijn. Bijvoorbeeld dat er mensen zijn die naar hun gevoel een ledemaat teveel hebben, die pas gelukkig zijn als het ledemaat in kwestie geamputeerd wordt. Ik kan niet vatten dat een gezond lichaam aan zou kunnen voelen als erg vervelend, onleefbaar zelfs.
Trans-zijn voelt voor mij heel normaal. Pas als ik aan anderen vertel dat ik mijn eigen spiegelbeeld vroeger helemaal niet leuk vond om naar te kijken, best vies eigenlijk, maar dat ik tegenwoordig met een tevreden glimlach voor de spiegel sta, wordt ik er eerlijk gezegd door de reactie van de ander op gewezen hoe ongewoon het eigenlijk is.

Verder denk ik al een hele dag op willekeurige momenten aan het woordje 'kwetsbaar'. Ben ik dat?
Ik voel me er een beetje ongemakkelijk bij. Komt dat door opvoeding. Kwetsbaar is tenslotte een eigenschap die volgens de samenleving vooral bij meisjes hoort. Zit de gewoonte om de dingen waardoor ik ontdekt zou kunnen worden te ontkennen, nog zo diep dat dit woordje me zo enorm bezighoudt?
Of vind het gewoon eng om kwetsbaar te zijn? Is het hetzelfde als weerloos, hulpeloos, gevoelig of doorzichtig, bijvoorbeeld.

Dit voelt bijna als een therapeutisch moment. Eigenlijk is dat wel fijn. Ik geloof niet dat ik het erg vind om soms te laten zien dat ik kwetsbaar ben. Ik denk dat ik wel bewezen heb dat ik niet hulpeloos of weerloos ben. Ik kan zeker tanden en nagels laten zien! En op één of andere manier heb ik me altijd wel kunnen redden.

Ik laat het nog een poosje door mijn hoofd spelen. Volgens mij hoort het wel bij me om kwetsbaar en gevoelig te zijn. Ik heb in elk geval niet het idee of het gevoel dat ik eronder lijd.

Ik lijd op dit moment vooral onder een behoorlijk volle agenda.

Moe!!!

Nog twee daagjes en dan mag ik neerstorten.

Maar wel een leuke agenda.

XX

woensdag 22 juni 2011

Gedachtengang

Soms kan ik gewoon een beetje in mijn hoofd ronddwalen. De ene gedachte oppakken en meteen weer loslaten. Dingen die gezegd zijn opeens weer in gedachten herhalen en me verwonderen over wat het ook weer was, of gewoon glimlachen. Zinnen afbreken omdat ik toch even kwijt wil dat er van die eindeloos leuke momenten zijn die ik nog voor me zie, zoals een dag of wat geleden tussen de kledingrekken ergens tijdens de uitverkoop in de staad. Een stuk of drie wat oudere dames. Twee ervan kijken discreet vanuit hun ooghoeken naar me , maar de derde staat met haar hand voor haar mond, grote ogen van ontzetting, naar mij te kijken. Ik vroeg aan haar af ze van mij was geschrokken. Ze knikte, aarzelde: "U bent zo ... Lang! kunt U wel slagen?"
"Ja hoor, mevrouw. Kijk maar. Wat ik nu aan heb komt gewoon hier uit de winkel."
"O, gelukkig. En het is erg leuk ook. U ziet er mooi uit!"
Ik word weer blij als ik er aan denk. De spontaniteit, van haar en van mezelf. Hartverwarmende eerlijkheid.

Ontmoetingen, dingen die gezegd zijn. Een opmerking over ervaringen die ik nog steeds te pijnlijk, te beladen vind om er zomaar over te praten. "Je bent daar vast heel blij mee".
"Blij mee? Ik wil er nooit meer aan denken. De pijn in mijn ziel is nog veel te sterk".
"Maar zo'n ervaring is toch uniek. Zeldzaam. Het is iets wat maar weinig mensen ooit zullen leren".
En opeens krijgt de pijn een zilveren randje. Een kostbaarheid die ik nou pas erken. Ik ben een rijk mens.

Ideeën die ik al heel lang heb, waar ik over vertel en waar de ander heel onverwacht een eigen licht op werpt en opeens is het werk wat nodig is om die ideeën om te zetten in tastbaarheden veel minder eenzaam.

Een ontmoeting met iemand die ik tot dan toe alleen maar kende uit de virtuele wereld, maar meteen zo veilig en vertrouwd dat het vertellen van mijn levens verhaal weinig meer lijkt dan 'effe bijkletsen'. Uren die voorbij vliegen en aan het eind van de dag moe en verwonderd omdat 'even samen wat drinken' toch helemaal niet inspannend is?
Blijkbaar wel, maar een leuke klus. Eentje om nog vaak te herhalen.

Drukke tijd met een volle agenda en verwondering. Elke avond moe en op tijd naar bed, maar toch leef ik heel erg op. Ik hou van de wereld, ook al treed ik die nog steeds erg verlegen tegemoet, maar het wordt beter. Ik durf blikken van mensen te lezen en stel vast dat ze alleen maar kijken zoals ze naar iedereen kijken en ik ga dat steeds meer nadoen.

Mensen van toen die ook mensen van nu worden. Moeten we opnieuw met elkaar om leren gaan? Op schouders rammen past niet meer. Wat komt ervoor in de plaats. Gelukkig hebben die-en-die ervaring in het prettig omgaan met vrouwen. Zullen ze merken dat ik verlegen en onzeker ben als een giechelende bakvis? Naief en wereldvreemd, onbekend met mijn nieuwe wereld als dat meisje met dat spinnewiel wat honder jaar sliep.

Gedachtenspul.
Zo belangrijk als het moment zelf.

Niet meer, maar zeker niet minder.

dinsdag 21 juni 2011

Rekening houden met anderen...

Gek eigenlijk, maar naarmate ik meer gewend raak en zelfverzekerder wordt in mijn nieuwe leven, komen er herinneringen in me op aan allerlei gebeurtenissen en gebeurtenisjes uit de afgelopen jaren die nu eigenlijk pas hun volle betekenis krijgen.

Zo is een paar keer tegen me gezegd dat ik ook rekening moest houden met andere mensen, met name met mensen uit mijn omgeving die mijn vervrouwelijking moeilijk of zelfs helemaal niet konden verwerken.
Ik ben me er pas sinds een paar dagen van bewust dat ik daar in feite veel te lang en veel te intensief mee bezig ben geweest.
Rekening houden met die anderen betekende in feite dat ik ervoor koos om mezelf totaal weg te cijfern. Niet alleen maar het meisje-in-mij te verbergen, maar ook te ontkennen dat ik in de rol van jongen, en later man, diep ongelukkig was, uiteindelijk zelfs dodelijk ongelukkig.

Ik hoorde deze week een wijs mens zeggen, dat je feitelijke transitie het moment is waarop je het risico neemt om je familie, je vrienden, je werk en je status kwijt te raken. Dat is het moment waarop je geen rekening meer kan houden met anderen. Dat is het moment waarop je alles wat je dierbaar is loslaat, vrijlaat en uitdaagt om te laten zien op welke voorwaarden de wereld waarin je leeft van je houdt.
Soms zijn die voorwaarden bitter en diep kwetsend. Zelfs mensen waarvan je het totaal niet verwacht, kunnen in die situatie buitengewoon onbegrijpend en wreed zijn.

Het risico waar ik het over had, neem je. Het is geen keuze, maar het is domweg accepteren van de kale voorwaarden om verder te kunnen leven. Ik heb zelf geprobeerd een alternatief te vinden. Een weg, een manier om het meisje-in-mij te kunnen laten bestaan zonder het zichtbare jongetje aan te tasten. Die innerlijke strijd was  zo hevig dat ik er ziek van werd. Mijn lijf begon me letterlijk uit te kotsen. Ik was niet zomaar misselijk en beroerd, ik kreeg een lange periode elke dag een hevige migraine aanval. De hele riedel van de psychotishe en schizofrene waanbeelden tot en met het vreselijke braken en de kolkende hoofdpijn. En moe. Elke dag iets meer. En elke dag iets minder mens.
Niet alleen de lichamelijke verzwakking werd een hele last, maar ook de angst voor de aanval, die op elk moment van de dag als een roofdier tevoorschijn kon springen om me nog verder te slopen.

Het laat zich moeilijk beschrijven, maar ik kan je verzekeren dat het vreselijk is om machteloos tegenover jezelf te zijn. Ik moest kiezen tussen leven en dood, letterlijk. Er was niemand om tegen te vechten, niks om me tegen te verzetten, alleen maar die keuze. Alsof de duivel met je speelt.

Ik heb gekozen voor het leven en gekozen voor de hoop dat de mensen die echt van me houden, dat onvoorwaardelijk doen. Toch heeft het nog jaren geduurd, eer ik ervan overtuigd was dat ik de goeie keuze heb gemaakt. Ik heb nog heel lang alle opties opengelaten om mijn oude leventje toch weer op te kunnen pakken. Heel veel spullen die bij mijn oude leven hoorden heb ik nog jarenlang bewaard. Pas toen ik me ervan bewust werd dat ik die spullen vasthield omdat ik diep in mijn hart meende dat anderen wilden dat ik dat deed, kon ik het opbrengen om ze weg te doen. Het was een bevrijding. Sindsdien durf ik veel meer. het kost me minder moeite om wildvreemden aan te spreken. Ik ben soms bijna in staat om heel belangstellend aan giechelaars te vragen wat ze over me te vertellen hebben. Ik ben daar echt benieuwd naar. Het boeit me.
Als dat geen manier is van rekening houden met anderen, weet ik het niet meer.

Ik neem ook steeds meer de moeite om er leuk en verzorgd uit te zien, om me vriendelijk en geduldig op te stellen, puur omdat ik inmiddels maar al te goed weet  hoe vervelend het is om een ongeduldig stuk chagrijn tegen te komen. Dat is niet alleen omdat ik rekening wil houden met anderen, maar ook omdat ik op die manier de leukste mensen tegenkom.

Het enige waarmee ik, volgens mij, te weinig rekening heb gehouden met anderen, is voorlichting. Ik heb misschien niet duidelijk genoeg uitgelegd dat het echt niet meer ging en dat het echt 'daar ergens' is gestopt.
'Hij' had zich voor de trein kunnen gooien en mij daarbij mee nemen. Dit is de andere manier.
Ik laat 'hem' langzaam verdwijnen, alsof er een bodysnatcher aan het werk is. Het meisje-in-mij wordt steeds meer Het Meisje.

Het is niet anders
Gelukkig maar.
Heel Gelukkig!

XXX